In The Spotlight: Mijke Henstra

TOCH STIEKEM MIJN VOORBEELD

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: een voorbeelddocent van toen ik op de middelbare school zat, heb ik niet. En aan zelf docent worden, dacht ik toen al helemaal niet. Tot zover het thema van deze rubriek. Heel lang geleden deed ik het vwo op een middelbare school in het oosten van het land. Ik vond school niet bijzonder leuk, maar ook niet heel vervelend. In die tijd deed je vwo A of B en ik deed A met wiskunde en economie. Ik was een redelijk brave leerling, maar in de 5e werd ik er bij economie zowat om het lesuur uitgestuurd. De economiedocent bleef niet lang en was een stierenfokkerij begonnen, zo hoorden wij later. De docent Duits liep langs de rijen, sloeg met zijn hand op een willekeurige tafel en dan was het de bedoeling dat je de naamvalrijtjes achterelkaar kon opdreunen. Hij kon wel machtig mooi over het gedicht Todesfuge, van Paul Celan vertellen.

Ik herinner me de soos, een tamelijk donkere, door leerlingen ingerichte ruimte achterin de fietsenkelder. Er was muziek, een bar (en dus Grolschbier) en er stond een donkerbruine neplederen bank. Meer had je op vrijdagmiddag niet nodig. We hadden een heel klein meneertje voor Latijn en die reed in een heel klein rood autootje. Op enig moment is dat autootje door leerlingen de trappen op tot voor de ingang van de school gesjouwd. Dat waren mooie momenten. Herinneringen genoeg, maar inspiratie haal ik veel meer uit mijn huidige collega’s: de genomineerde geschiedenisdocent van het jaar bijvoorbeeld, maar ook de collega wiskunde die onvermoeibaar elk jaar opnieuw het beste uit zijn leerlingen haalt. Uiteindelijk ben ik jaren later toch in de voetsporen van mijn vader getreden, die nota bene leraar Duits was op mijn eigen middelbare school.

Was hij dan stiekem toch mijn voorbeeld?

Mijke Henstra
Volg ons op social media