In 'The Spotlight'

De bureaulamp staat aan. Rode pennen liggen klaar. Stapels papieren met handschriften waar je geen wijs uit wordt. Gefascineerd kijk ik naar de aantekeningen die op elk papiertje worden geschreven. Strepen, krullen, cijfers.
Soms mocht ik helpen, trots! Met opperste concentratie, een puntje van mijn tong uit de mond als bewijs, zette ik met de rode pen een krul en als ik geluk had mocht ik zelfs het eindcijfer in het cijfervakje schrijven.  

Mijn vader heeft jaren in het onderwijs gewerkt. Als docent, in de directie en als lid van het College van Bestuur. Het is dan ook niet gek dat mijn vader mijn voorbeeld binnen het docentschap is. Verhalen over hoe het was om voor de klas te staan. Verhalen over de verbinding met leerlingen. Verhalen over akkefietjes. Het zoeken naar persoonlijk leiderschap. Alles kwam voorbij.

Uiteraard gaat het zijn van een voorbeeld verder dan enkel het nakijken van toetsen. Sterker nog; in mijn werk als theaterdocent en theatermaker gebeurt dit nauwelijks. Echter, hij heeft mij geïnspireerd in de manier waarop je als docent in contact kan staan met je leerling. Ik hoorde altijd zoveel liefde en respect in hoe hij over zijn leerlingen sprak. Uiteraard soms gepaard met de nodige irritaties, laten we wel wezen. “Ik geloof dat in de kern iedereen gewoon gezien, gehoord en erkend wil worden.” Nog steeds is dat in zijn werk zijn basis.

Ik merk dat dit onbewust ook mijn vertrekpunt is geworden. En steeds bewuster zet ik dit in. Ik wil nieuwsgierig zijn naar mijn leerlingen, naar wat hen drijft en bezighoudt en ik wil ze uitdagen dat mee te nemen in mijn lessen. Ja, ik ben docent, maar uiteindelijk maken we gewoon contact van mens tot mens. Zo simpel mag het zijn. 

Dank Pap. 

door Josje van Sunder

 

Josje van Sunder
Volg ons op social media